Kleine mensen, grote wereld

News

Onze verontschuldigingen, dit bericht is alleen beschikbaar in Amerikaans Engels.

Omdat mensen van Aziatische afkomst in Nederlands nog altijd als minderheid worden gezien, komt CinemAsia al jaren op voor hun rijke identiteiten, door middel van films over immigratie- of vluchtelingervaringen, zoals het vorig jaar vertoonde Meditation Park en Passage of Life. Dit jaar draaien we de spiegel om en staan we stil bij minderheden en gemarginaliseerde groepen in Azië, met een speciale focus op kinderen, om te verkennen hoe zij worden getroffen door hun “anders zijn”.

Met geschiedenissen die zich over duizenden jaren uitstrekken wordt Azië niet bevolkt door een homogeen ras, maar door een veelzijdigheid aan diverse gemeenschappen die vaak maritieme connecties met elkaar delen. Taiwans oorspronkelijke bewoners (of “Aboriginals”) claimen bijvoorbeeld dat hun voorouders vanuit de Polynesische eilanden voeren.

Long Time No Sea van Heather Tsui biedt een zeldzame inkijk bij de inheemse Tao, die slechts 3000 man telt, maar die al meer dan 800 jaar op het prachtige Orchidee Eiland leeft. De film toont hoe armoede en afgelegenheid volwassenen dwingen om werk te zoeken in de grote steden van Taiwan, hun kinderen en ouderen achterlatend. Terwijl de film deze grimmige situatie verbeeldt, legt die ook een nadruk op cultureel erfgoed, gedramatiseerd door de opvoeding van jongens die zich eerst schamen, maar later trots zijn op het dragen van een string om een tribale dans op te voeren in een erfgoedcompetitie.

Ho Chao-ti’s documentaire Turning 18 confronteert ons met een veel somberdere realiteit over twee inheemse meiden wier opgroeien is gekenmerkt door armoede, alcoholistische ouders, misbruik en slechte relatiekeuzes. Er is niets “exotisch” of raciaal-getints aan hun tegenslagen. Die zijn tragisch herkenbaar vanuit elke hoek van de wereld. Al kan de ironische toon van de regisseur alsnog herkend worden door haar inzet van ouderwetse overheidspropagandabeeld en die de Taiwanese Aboriginals schetsen als “primitieven” die dankbaar zouden moet zijn voor hun “civilisatielessen”.

Ala Changso volgt de reis van een antisociale Tibetaanse jongen om zich te verzoenen met zijn familie, terwijl hij zijn zieke moeder vergezelt op een afmattende jaarlange pelgrimage naar Llasa. In tegenstelling tot andere films over Tibet, die neigen naar kromme politieke of religieuze invalshoeken, verweeft de in Qinghai geboren regisseur Sonthar Gyal de spirituele opvattingen over de dood van zijn protagonisten met hun door en door menselijke tekortkomingen als schuld, jaloezie, boosheid en verlatingsangst.

Een andere minderheid, die ’s werelds snelst stijgende demografie wordt, is het nageslacht van multiraciale stellen. De Canadese documentaire Mixed Match roept bewustzijn op over de medische moeilijkheden waar zij mee te maken kunnen krijgen door hun ingewikkelde genetische samenstellingen. Regisseur Jeff Chiba Stearns, die zelf half-Japans en half-Europees is, gebruikt dit onderwerp om noties rondom identiteit te onderzoeken. Daarbij toont hij hoe de ‘mixed race community’ elkaar kan helpen dankzij donorbanken voor kankerpatiënten. Zodoende verwerpt hij ook de opvatting dat er zoiets bestaat als raciale puurheid.

Het thema van dit programma, “Kleine Mensen, Grote Wereld”, gaat verder dan etnische minderheden om ook verhalen te vertellen over andere minderbedeelde of gemarginaliseerde groepen. De Maleisische film Guang, gebaseerd op de broer van regisseur Quek Shio-chuan, gaat openlijk om met het stigma, het misbruik en de economische tegenslagen die autistische mensen moeten verduren. Dit kan verontrustend zijn voor een publiek afkomstig uit een land met betere sociale diensten, maar het is daarom juist belangrijk om te leren over en te sympathiseren met wat deze hulpbehoevenden moeten doorstaan in landen met een inadequate verzorgingsstaat, waar hier ook minder publiek bewustzijn over bestaat.

Geadopteerde mensen, die een flinke subgroep vormen in Europees-Aziatische gemeenschap, voelen vast emotionele verbondenheid met Baby, waarin de consequenties van China’s eenkindpolitiek onderzocht worden. Daarin begint een geadopteerde vrouw aan een missie om een baby te redden met dezelfde aangeboren ziekte als zij, terwijl de vader van de baby ervoor kiest om haar te laten sterven. Liu Jie’s meesterwerk is een humanistische aanklacht tegen geïnternaliseerde discriminatie jegens dochters en kinderen met handicaps of medische afwijkingen.

Marginalisatie kan allerlei vormen aannemen. Soms wordt een bijzondere vaardigheid gezien als een afwijking die kan resulteren in vervreemding en een slechte jeugd. In China worden miljoenen kinderen van arme, rurale achtergronden op jonge leeftijd opgepikt om te trainen voor nationale atletische team onder slechte omstandigheden. Wushu Orphan speelt zich af in Henan, de stad van regisseur Huang Huang, waar ’s lands grootste vechtkunstacademie gevestigd is. Het is een droomfabriek van actiefilm bekendheid, maar onder de oogverblindende scènes van gesynchroniseerde kungfuvechtkunst schuilt ook een sarcastische kritiek op het resultaat-gedreven educatiesysteem en een samenleving die conformiteit promoot.

Maggie Lee